
Eind vorig jaar stelde ik de vraag of we tegenwoordig neerkijken op de ‘Nederlandse’ uitspraak van bepaalde Engelse woorden. Wat blijkt? Aan de universiteit van Utrecht wordt momenteel onderzoek gedaan naar precies dat onderwerp.
Is onze kennis van het Engels de afgelopen decennia zozeer vooruitgegaan, dat we een ooit acceptabele uitspraak nu niet meer goedkeuren, zo luidde mijn vraag. Ik noemde ‘kuntrie’ van Matthijs van Nieuwkerk versus country, en deed een oproep om meer voorbeelden. Nou, die stroomden binnen. ‘Kornètbief’ (cornedbeef), ‘Lukie Luuk’ (Lucky Luke), ‘kuvver’ (cover), ‘Joe Jork’ (New York), ‘swieter’ (sweater), en ga zo maar door. Ik beloofde om op zoek te gaan naar een specialist die me meer zou kunnen vertellen over dit thema, en aangezien ik een man van mijn woord ben, belde ik Rias van den Doel op. Van den Doel is docent Engelse taal en cultuur aan de universiteit van Utrecht. Wat nou toevallig is: hij werkt aan een wetenschappelijk onderzoek over de uitspraak van het Engels door Nederlanders (online deelnemen kan hier). Dé man dus aan wie ik de stelling van dit blog kan voorleggen. Nou, zijn we dan slimmer dan vroeger op het gebied van de Engelse taal en vinden we daarom sommige uitspraakvarianten verouderd en achterlijk? Verder lezen →




Wéér een nieuwe rubriek op deze pagina’s: in De taal van… vertelt een bekende Nederlander over zijn of haar band met een vreemde taal. Het Afrikaans, in dit geval. Immers, dankzij die kleurrijke dochter van het Nederlands besloot Adriaan van Dis om schrijver te worden.


