Dit is de ‘killer language’ van Afrika: Swahili (1)

De haven van Zanzibar-Stad, de hoofdstad van het eiland Zanzibar, onderdeel van Tanzania

Op Zanzibar, een eiland voor de kust van Tanzania, wordt Swahili gesproken. Ach wat zielig, een Afrikaans taaltje dat wordt weggedrukt door Engels of Frans? Niets daarvan. Koen Bostoen, professor Afrikaanse taalkunde en Swahili aan de universiteit van Gent: ‘Swahili is een killer language.’

Waar moeten we Swahili van kennen?
‘Swahili is een van de belangrijkste talen van Afrika. Het is ook een van de grootste – naast Arabisch, dat vooral in noordelijk Afrika gesproken wordt, en Hausa in West-Afrika. Ongetwijfeld is het de grootste Bantoetaal, wat sprekers betreft en verspreidingsgebied. Ook vermoed ik dat Swahili wereldwijd de meest onderwezen Afrikaanse taal is aan universiteiten, en zeker in Europa, zoals in Leiden, of bij ons in Gent. Áls er een Afrikaanse taal gedoceerd wordt, dan meestal Swahili.’

Met het Swahili is iets bijzonders aan de hand. De taal kent 100 à 150 miljoen sprekers, maar slechts 5 miljoen daarvan zijn moedertaalsprekers. Hoe kan dat?
‘Het is niet zo gemakkelijk om die twee soorten sprekers van elkaar te onderscheiden. Vandaag de dag leren steeds meer kinderen Swahili als eerste taal, ook in gebieden waar het historisch gezien niet gesproken werd. Makkelijker is het om onderscheid te maken tussen het oorsprongsgebied van de taal en regio’s waar ze zich later verspreidde.’

Vertel.
‘Oorspronkelijk werd het Swahili gesproken door gemeenschappen die langs de Afrikaanse kustlijn leefden: van het zuiden van Somalië tot aan het noorden van Mozambique, en op aangrenzende eilanden als Zanzibar, Pemba en Lamu in de Indische Oceaan. De naam komt van sawahil, het Arabische woord voor ‘kusten’. In dit gebied werd niet overal exact dezelfde taal gesproken. Het ging om een zogeheten dialectcontinuüm: sprekers van naburige dialecten konden elkaar verstaan, maar pakweg zeven dialecten verderop ging dat al een stuk moeilijker. Vooral tussen de noordelijke en zuidelijke dialecten liep een duidelijke scheiding. In de loop van de negentiende eeuw gingen economische factoren een grotere rol spelen. Vanuit kustplaatsen als Mombasa en Bagamoyo en eilanden als Zanzibar begonnen karavaanroutes dieper de Afrikaanse binnenlanden in te reiken: tot aan hedendaags Oost-Congo toe, zo’n 2000 km verder. Zo verspreidde het Swahili zich. Sinds die tijd hebben bijvoorbeeld ook in Congo varianten van de taal wortel geschoten. In de koloniale periode, zeker in Kenia en Tanzania, is het Swahili sterk gepromoot.’

De Oost-Afrikaanse kustlijn waarlangs Swahili oorspronkelijk werd gesproken. Inzet: het verspreidingsgebied van de taal. (uit: The Story of Swahili van John M. Mugane, 2015)

En daarna?
‘Tanzania heeft na de onafhankelijkheid van 1961, onder president Julius Nyerere, serieus beleid gevoerd om Swahili op te waarderen tot dé taal van het land. In Tanzania worden een hoop verschillende talen gesproken: talen uit heel diverse Afrikaanse taalfamilies ontmoeten elkaar daar. Toch spreken velen Swahili. Je moet daarbij onderscheid maken tussen Uswahili en Kiswahili. Uswahili is een culturele identiteit: de kustgemeenschappen die je als de oorspronkelijke moedertaalsprekers zou kunnen beschouwen. Hun aantal wordt tegenwoordig ruimschoots overtroffen door degenen die hun taal, het Kiswahili, hebben overgenomen en als eerste of tweede taal gebruiken. En inmiddels bestaan er ook heel wat kinderen die niet tot de Uswahili behoren, maar toch Kiswahili als éérste taal hebben. In Tanzania (54 miljoen inwoners, red.) en Kenia (48 miljoen, red.) is Swahili de belangrijkste lingua franca en een nationale taal.’

Zit er nog verschil tussen die twee landen?
‘Niet zoveel. In beide landen leren kinderen eerst Swahili en daarna pas – of helemaal niet – de dialecten. Een beetje zoals in Europa, met standaardtalen versus regionale varianten of dialecten. Veel van de kleinere gemeenschapstalen worden dan ook met uitsterven bedreigd door het grote succes van het Swahili.’

Tot zover het Afrikaanse vasteland. Er is toch ook een connectie met verafgelegen gebieden, zoals het Midden-Oosten en zelfs India?
‘Het oorsprongsgebied van het Swahili, langs de kust, kende een stedelijke, maritieme cultuur. Ze was verbonden met de islam. Vanuit de Uswahili werd handel werd gedreven met de andere kant van de Indische Oceaan, wat tot sterke interactie leidde met het Indisch schiereiland en de Arabische wereld, in het bijzonder Oman.’

Het Standaardswahili is gebaseerd op het dialect van Zanzibar. Wat is er zo bijzonder aan dat eiland pal voor de Tanzaniaanse kust?
‘De reden is niet zozeer taalkundig, maar politiek en economisch. Het heeft te maken met het sultanaat van Zanzibar, dat op het eiland was gevestigd. Het huidige Tanzania verenigt Tanganyika, het continentale deel, met Zanzibar. In de pre-koloniale en koloniale tijd waren dit apart bestuurde gebieden. Tijdens de Europese kolonisatie was Tanganyika eerst de kolonie Duits-Oost-Afrika, en die veranderde na de Eerste Wereldoorlog in een Engels mandaatgebied. Zanzibar werd echter, samen met het eiland Pemba, onafhankelijk bestuurd – binnen het Britse Rijk, dat wel. Nog steeds bestaat op Zanzibar een onafhankelijkheidsbeweging, die los wil komen van Tanzania.’

Wie was onder de Britten de baas op Zanzibar?
‘De leider van het sultanaat van Zanzibar was de sultan van het verre Oman. Oman had zijn hoofdstad al in 1840 naar Zanzibar verhuisd. De reden daarvoor was dat het eiland tot een zeer belangrijk handelscentrum was uitgegroeid. De grote handelskaravanen die doordrongen tot in de Afrikaanse binnenlanden, en die ivoor en later rubber mee terugnamen, vertrokken vanuit Zanzibar. Zanzibar was de grote draaischijf in handelsnetwerken die de eilanden verbonden met de binnenlanden. Toen de Europese staten aan hun kolonisatie van Afrika begonnen, deden ze een beroep op die bestaande netwerken. En daarbinnen was Swahili – en zeker de variant van Zanzibar, het Kiunguja – de dominante taal. De koloniale machthebbers zijn een standaardtaal gaan ontwikkelen, het Kiswahili sanifu, dat hoofdzakelijk gebaseerd was op dat Kiunguja. Andere invloeden kwamen van bijvoorbeeld het Kimvita uit Mombasa en het Kiamu uit Lamu, die van oudsher belangrijke literaire varianten waren. Dat is in 1928 officieel besloten. Er kwam een taalacademie en er werden nieuwe woorden gecreëerd. Het feit dat de variant van Zanzibar de basis ervan vormt, maakt dat Zanzibari nogal eens zeggen dat zij het Swahili toch echt mooier of beter spreken.’

Laten we het eens hebben over de taal zelf. De vroegste contacten tussen Zanzibar en de Arabische wereld stammen uit de achtste eeuw. Zie je dat terug?
‘Het Swahili kent heel veel leenwoorden uit het Arabisch, vooral op het vlak van rechtspraak, religie en handel. Ook hebben Engels, Hindi, Portugees en Turks als donortaal gefungeerd. Sommige mensen beweren dat het Swahili een Arabisch dialect is, maar dat klopt niet. Qua grammatica is het volledig een Bantoetaal.’

Volgende keer: Dit is de ‘killer language’ van Afrika: Swahili (2).
Daarin onder meer woorden uit het Swahili die we kunnen herkennen – zoals eropleni, wat ‘vliegtuig’ betekent.

Een reactie achterlaten

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *