De Apologie: Filips II is een ‘incestueuze, dubbel moorddadige koning’ (deel 1)

Portret van Willem I (1533-1584). Prins van Oranje, genaamd Willem de Zwijger. Schilder: omgeving van Dirck Barendsz., 1582–1592 (Rijksmuseum)

Toen hij in 1580 vogelvrij werd verklaard, verdedigde Willem van Oranje zich in zijn Apologie. Een interview met René van Stipriaan, die het geschrift vertaalde naar hedendaags Nederlands. ‘Internationaal viel de Apologie niet goed.’

Historicus René van Stipriaan is op menig gebied deskundig, maar een van zijn grootste interesses betreft de Nederlandse Gouden Eeuw. Het grote publiek kent hem van zijn magnum opus De Zwijger, de biografie van Willem van Oranje die in 2021 verscheen. Het boek werd onderscheiden met de Libris Geschiedenisprijs en de Nederlandse Biografieprijs. Dit jaar vertaalde Van Stipriaan de Apologie naar hedendaags Nederlands: het geschrift waarmee Oranje zich verdedigde tegen de vogelvrijverklaring door koning Filips II, het banedict dat tot zijn dood zou leiden. Ik voerde met Van Stipriaan een lang gesprek over de Apologie, de ontwikkeling die Willem van Oranje doormaakte tijdens de Nederlandse Opstand en het geheime moordplan dat hem al vroeg werd medegedeeld.

Laten we beginnen bij de ban die aan de Apologie voorafging. Willem van Oranje was de leider van de Nederlandse Opstand (1568–1648) tegen Filips II, de koning van Spanje. Het lukte Filips maar niet om Oranje te pakken te krijgen, dus besloot hij om iedereen toestemming te geven hem te doden, tegen een royale beloning. Die vogelvrijverklaring klinkt als een logische stap. Toch zat Filips’ plaatsvervanger in de Nederlanden, landvoogd Alexander Farnese, opzichtig tijd te rekken om die ban maar niet bekend te hoeven maken. Waarom?
Dat had te maken met twee dingen die Farnese bezighielden. Ten eerste had hij heel goed in de gaten dat het openlijk uit de weg willen ruimen van Willem van Oranje een tegenreactie zou oproepen. In het binnenland, onder Oranjes aanhangers, maar ook in het buitenland. Diverse regeringscentra sympathiseerden met Oranje. Dat kwam omdat het huis Habsburg (Filips II stond aan het hoofd van de dynastie van de Spaanse Habsburgers, red.) in de ogen van bijvoorbeeld de Fransen, de Engelsen en vele Duitse vorsten niet al te groot mocht worden. Oranje was op dat moment de belangrijkste tegenstrever van Filips. Je maakt jezelf behoorlijk antipathiek als je zo iemand uit de weg wil ruimen. Het komt ook nogal onchristelijk over.

Ten tweede was Farnese op dat ogenblik met redelijk veel succes bezig om in Vlaanderen en Artesië (nu de streek rond Arras of Atrecht in Noord-Frankrijk, red.) opstandige nesten op te ruimen. Hij nam de ene na de andere stad in. De condities waaronder steden zich aan hem konden overgeven waren vrij mild. Zo mochten inwoners die wilden wegtrekken hun bezittingen meenemen. Farnese pakte het heel anders aan dan de nogal hardhandige hertog van Alva (die in de jaren 1567–1573 landvoogd was, red.). De vogelvrijverklaring van Willem van Oranje dreigde echter voor een verharding en verscherping van het politieke krachtenveld te zorgen. Farnese probeerde Filips II te vertellen: hier zit ik niet op te wachten, laat mij eerst deze klus afmaken, want dan is die opstand binnen een paar jaar klaar. Daar heeft hij gelijk in gekregen.

U heeft bij de Apologie ook de tekst van de vogelvrijverklaring opgenomen. Wat mij daarin opviel: Filips valt zijn eigen hertog van Alva behoorlijk stevig af.
Alva viel bij Filips in ongenade nadat hij er in de Nederlanden een puinhoop van had gemaakt. Er speelde een aantal familiekwesties tussen de twee. Dat het Spaanse bewind rond 1580 openlijk afstand nam van hem, was ook een boodschap aan de gematigde kracht in de Nederlanden. Zo van: Alva vloog uit de bocht, maar zijn misdadigheid hebben we nu achter de rug, u kunt weer op ons vertrouwen. Het was image care, een handige boodschap om te brengen.

In de Apologie verdedigt Oranje zich tegen Filips’ beschuldigingen op een toon die zelfs sommige van zijn adviseurs veel te heftig vonden. Zo noemt hij Filips II een ‘incestueuze, dubbel moorddadige koning.’ U schrijft in uw voorwoord dat Oranje doorgaans behoedzaam zijn woorden koos, maar nu niet. Waarom niet?
De eenvoudige verklaring is dat de ban openlijk de vijandschap tussen Filips en Oranje blootlegde. Eerder kon nog het denkbeeld bestaan dat Oranje het aan de stok had met de dienaren van Filips, terwijl hij als toegewijd edelman het gezag van de koning bleef erkennen. Het was een fictie, die Oranje graag in stand hield. Met de vogelvrijverklaring was dat denkbeeld definitief passé. Daarop liet Oranje al zijn opgekropte woede de vrije loop. Iedereen mocht weten dat de breuk tussen hem en Filips onheelbaar was, en hij deed er alles aan om Filips in een kwaad daglicht te stellen.

Hoe pakte die keuze voor hem uit?
Internationaal viel het niet goed. De Duitse vorsten vonden Oranjes handelwijze veel te rigoureus. Hij had zijn woorden zorgvuldiger moeten kiezen, hij had beter geen vage geruchten over Filips als absolute waarheden kunnen verkondigen. Binnen de Nederlanden schiep de Apologie wel duidelijkheid. Alle partijen die deel uitmaakten van de Opstand wisten dat ze met de koning van Spanje moesten breken. Nou, een half jaar later stelden de Staten-Generaal de Acte van Verlatinghe op (op 26 juli 1581, red.), waarin de opstandige gewesten uitdrukkelijk afstand namen van Filips als landsheer van de Nederlanden.

De Apologie is dus te zien als een belangrijke stap in die ontwikkeling?
In schaaktermen: met de Apologie zette Oranje Filips schaak. Daarvoor moest hij een paar stukken offeren – zijn gematigdheid en deels zijn geloofwaardigheid – om de breuk zo hard mogelijk te maken. Het hogere, praktische doel lag in het ruimte scheppen voor een nieuwe landsheer. Oranje hoopte dat de hertog van Anjou, een zoon van koning Hendrik II van Frankrijk, bereid was om het gezag van Filips over te nemen (Anjou gold tussen 1580 en 1584 als soeverein van de Nederlanden, red.).

De Apologie geldt als het begin van de ‘zwarte legende’. Wat was dat?
De zwarte legende ontstond in de loop van de zestiende eeuw, onder invloed van de macht die Spanje in Europa ontwikkelde en in rest van de wereld. Willem van Oranje heeft er een grote bijdrage aan geleverd. Het kwam erop neer dat de Spanjaarden bij de uitoefening van die macht uitzonderlijk wreed te werk gingen. Uit de Amerika’s kwamen berichten binnen over genocidaal geweld ten opzichte van de Inca’s en de Azteken. Oranje greep zulke feiten aan om een werkelijk gitzwart beeld van de Spaanse vorst te schetsen, maar ook van de Spaanse bevolking. Dat nam etnische vormen aan.

Om niet te zeggen: racistische. Hij redeneerde dat door de aderen van de Spanjaarden Moors en Joods bloed stroomde, wat veel van hun kwalijke natuur verklaarde. Moeten we Oranje hierom cancelen?
Ik doe niet aan cancelen. Natuurlijk zijn het, in hedendaagse context, heftige woorden. Oranje wilde ermee aangeven dat de Spanjaarden geen oprechte christenen waren, zoals hijzelf en de Noord-Europeanen. Ze deugden gewoon niet. Dit nationalistische, racistische discours heeft invloed gehad, want ook latere generaties koesterden dergelijke denkbeelden. Steeds opnieuw werd de hertog van Alva van stal gehaald als de archetypische Spanjaard, met zijn kwalijke karaktereigenschappen. Het paste bij de tijd, waarin meer aandacht kwam voor regionale verschillen en eigenaardigheden. Voorheen legden Europeanen de nadruk op zaken die hun continent verenigden, zoals het christendom, het feodale stelsel of het Latijn als lingua franca.

In hoeverre was Willem van Oranje een Duitser onder de Nederlanders?
Daar heb ik weinig over gevonden. Iedereen kon ermee leven dat hij in Duitsland geboren was. Dat hij als edelman op internationaal niveau opereerde, en dat hij dat in het Frans deed, was normaal. Net als andere vertegenwoordigers van de hoge adel in de Nederlanden was Oranje bezig om positie in te nemen ten koste van de landsheer. Toen in de steden de ergernis groeide over de adel, die nauwelijks belasting betaalde en voortdurend oorlog voerde, en de behoefte ontstond om mee te besturen, maakte ook Oranje een enorme zwenking. Hij begon de Nederlandse Opstand als representant van adellijke belangen, maar eindigde als voorvechter van de burgerlijke en stedelijke zaak. Dat was behoorlijk revolutionair.

Daarin speelde de Apologie een belangrijke rol. De Apologie was een breuk met de oude feodale structuur zoals die in de Nederlanden door de Bourgondiërs en de Habsburgers was opgebouwd. Oranje was sinds de Pacificatie van Gent in 1576 pleitbezorger van een heel nieuwe regeervorm, waarin de eindverantwoordelijkheid bij de Staten-Generaal lag. Een revolutionaire fase brak aan. In 1588 ontstond de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, die zich zou ontwikkelen tot een hypermodern machtsapparaat, waarin economische belangen voorop stonden en de militaire macht daaraan dienstbaar werd gemaakt. Willem van Oranje heeft daarvoor het fundament gelegd, en de Apologie brengt dat sterk tot uitdrukking: als wij blijven samenwerken, zijn we tot bijzondere dingen in staat.

Hoe beoordeelt u, als biograaf van Willem van Oranje, zijn beweegredenen? Hij is heel moeilijk te peilen, heeft u geschreven. Er staan altijd historici op die zeggen dat het Oranje helemaal niet ging om religieuze verdraagzaamheid – hij vocht alleen maar voor zijn eigen hachje, hij was een politieke opportunist.
Zoals ik zei, begon Oranje als voorvechter van de belangen van de Nederlandse hoge adel, waar hij deel van uitmaakte. Hij hoorde bij de clan Nassau en was er continu mee bezig om die groter en machtiger te maken. Elke grote familie deed dat. Het was de historische taak die op hem rustte, ook al bracht hij daar objectief gesproken niet veel van terecht. Hij verbond zich met gewesten en opstandige stadsbestuurders, en al doende begon hij oog te krijgen voor de burgerlijke belangen in de Nederlanden. Hij ging inzien dat die belangen een rol moesten spelen in het proces van staatsvorming, dat gaande was. Bij de Pacificatie van Gent in 1576 zei hij tegen de Staten-Generaal: nemen jullie de beslissingsmacht maar, dan ben ik de belangrijkste taakuitvoerder. Zo kunnen we ons wellicht uit deze benarde situatie vechten.

Dat bleek een houdbaar model te zijn, dat meer dan twee eeuwen zou bestaan. Voor Oranje was het een pragmatische keuze – een opportunistische, zo je wilt. Hij wist dat hij met zijn miljoenenleningen om legers bijeen te brengen Spanje niet op de knieën kon dwingen, en dat hij andere partijen nodig had. Hij had de taak op zich genomen om de opstand tot een goed einde te brengen, en handelde daarnaar. Zo viel hij samen met zijn missie. Dat kom je vaker tegen in de geschiedenis. Kijk naar de Oekraïense president Volodymyr Zelensky die zich tegen Rusland verdedigt: we vragen hem niet meer naar zijn diepere beweegredenen – hij is wat hij doet.  

De Apologie van Willem van Oranje, vertaald en ingeleid door René van Stipriaan, verscheen in mei 2026 bij uitgeverij Querido.

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *